IETS NIEUWS ONDER DE ZON

In de grote inkomsthal van het kersverse Grand Egyptian Museum (GEM) in Caïro torent een standbeeld van Ramses II boven bezoekersmassa’s uit. De kolos weerspiegelt de grootsheid van het Oude Egypte als geen ander, maar er is meer: twee keer per jaar, op 22 februari en 22 oktober, zou het zonlicht op zijn gezicht vallen -parallel aan de beroemde zon-uitlijning in de tempel van Abu Simbel. Een huzarenstukje dat duizend jaar oude mystiek met moderne architectuur verenigt. En daarmee is de toon van het GEM, ’s werelds grootste museum gewijd aan éénzelfde beschaving, meteen gezet.

Traduction | Céline Nickmans
1 minuten

Het complex omvat niet alleen tentoonstellingsruimtes, maar ook een kindermuseum, onderzoekscentrum, conferentieruimtes, laboratoria, horeca en open tuinen. Heneghan Peng Architects ontwierp het tot in de kleinste details in harmonie met het antieke erfgoed van de site. Zo staat het gebouw binnen een ingenieus netwerk van zichtlijnen naar de drie piramides van Gizeh iets verderop. Vanuit een centraal punt achter het museum lopen lijnen naar de toppen van Cheops en Mykerinos. Het hoofdgebouw zelf is een afgeknotte driehoek: noord- en zuidmuren lopen naar elkaar toe, het schuine dak volgt de helling van Chefren. Een subtiele geometrie die museum en monumenten naadloos met elkaar verbindt, terwijl de ruimtes op een verrassende manier worden georganiseerd.

Ontworpen als een monumentale betonnen wig, volgt het GEM de natuurlijke lijnen van het landschap: balancerend op de rand van de Nijldelta en een woestijnplateau. Binnen keert de driehoek overal terug: in de omgekeerd piramidevormige pilaren bij de hoofdingang, precies reusachtige stiletto’s, en in de opeenvolgende verdiepingen die via de centrale trap naar de vaste collecties leiden. Hoe hoger je stijgt, hoe dieper je de geschiedenis induikt. Boven wacht een panoramisch uitzicht op de piramides: de cirkel -of moeten we zeggen driehoek- is rond.

In het GEM zijn duizenden archeologische schatten te zien, waaronder de beroemde Tutankhamencollectie, de 4600 jaar oude zonneboot van Cheops, en talloze faraonische artefacten die nooit eerder publiekelijk werden getoond. Het is bijna poëtisch hoe deze wonderen van weleer ook vandaag nog buitengewone verwezenlijkingen influisteren. De Oude Egyptenaren waren meesters in technisch vernuft en legden daarmee de lat hoog voor dit moderne bouwwerk. Het lichtspel rond Ramses II lijkt bijvoorbeeld magisch, maar is het resultaat van ingenieuze plooien in het dak, een enorme betonnen plaat, die het zonlicht precies op de juiste plek laten doorsijpelen. Alsof de zonnegod zelf ermee gemoeid is. En zo reiken moderne bouwers, millennia nadat farao’s hun goddelijkheid in monumentale bouwwerken lieten zien, opnieuw naar de sterren.